Nieuwsitems

Invoering UBO-register 27 september 2020

22 september, 2020

Op 27 september 2020 zal de registratieplicht voor juridische entiteiten van hun uiteindelijk belanghebbenden (UBO) in Nederland in werking treden. Voor organisaties die op 27 september 2020 zijn ingeschreven in het handelsregister geldt dat zij tot 27 maart 2022 de tijd hebben om opgave te doen van de UBO-gegevens.

Voor notarissen (en andere Wwft-instellingen) geldt vanaf 27 september 2020 dat zij verplicht zijn om een melding te doen aan de Kamer van Koophandel van iedere discrepantie die wordt ontdekt tussen de UBO-gegevens die zijn geregistreerd in het handelsregister en de informatie over de UBO waarover de notaris uit andere hoofde beschikt (artikel 10c Wwft).

In een implementatiebesluit zijn de gevallen uitgewerkt waarin openbare UBO-gegevens op verzoek worden afgeschermd. Het gaat hier (limitatief) om personen die van overheidswege zijn beveiligd, minderjarigen, curandi ex artikel 1:378 BW en ‘onderbewindgestelden’ ex artikel 1:431 BW. Ook wordt verduidelijkt dat als het hoger leidinggevend personeel als UBO (pseudo-UBO) moet worden aangewezen, dit elke persoon is die deel uitmaakt van het statutair bestuur.

Nieuw energielabel

17 september, 2020

Energielabels veranderen per 1 januari 2021. Er komt een nieuwe bepalingsmethode. Adviseurs gaan de woning bezoeken om de duurzaamheid ervan vast te stellen. De woningeigenaar krijgt hierdoor een meer nauwkeurig en uitgebreid label. De notaris moet bij de overdracht van een woning controleren of het energielabel er is: vanaf volgend jaar is dat dus het energielabel nieuwe stijl.

Wetsvoorstel inzake overdrachtsbelasting (2021)

16 september, 2020

De verkrijging door een persoon jonger dan 35 jaar (starter) van een woning die voor hem zal dienen als hoofdverblijf,  wordt vrijgesteld van overdrachtsbelasting.

Voor niet-starters die een hoofdverblijfwoning verkrijgen, blijft het toepasselijk tarief 2%. Voor overige verkrijgingen van woningen en alle niet-woningen geldt het nieuwe basistarief van 8%.

Personen die voor 1 januari 2021 een woning hebben gekocht en na die datum een nieuwe woning kopen en op dat moment voldoen aan de vereisten dat zij (1) jonger dan 35 jaar zijn, (2) de woning zullen gebruiken als hoofdverblijf en (3) de vrijstelling niet eerder hebben toegepast, kunnen ook een beroep doen op de vrijstelling.

Aanhorigheden, zoals een garage die naast de woning ligt, kunnen delen in de vrijstelling of in het verlaagde tarief van 2%, mits deze gelijktijdig met de woning worden verkregen. Later verkregen aanhorigheden worden belast met 8% overdrachtsbelasting.

Uit het wetsvoorstel blijkt het voornemen dat de startersvrijstelling per 1 januari 2026 weer vervalt.

Volgens Rechtbank was woonwagen onroerend

10 september, 2020

X is eigenaar van een stuk grond waarop een woonwagen staat. In geschil is of de waarde van de woonwagen terecht is meegenomen in de WOZ-beschikking die X heeft ontvangen. Hiervoor is van belang of de woonwagen onroerend is als bedoeld in artikel 3:3 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek. De Rechtbank oordeelt dat de woonwagen onroerend is omdat deze naar aard en inrichting bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven. Dit wordt ook bevestigd door het feit dat de woonwagen al minimaal 35 jaar op dezelfde plaats staat. Niet van belang is dan dat technisch bezien de mogelijkheid bestaat om de woonwagen te verplaatsen. Het enkele gegeven dat de wagen wielen bevat, maakt in dit geval niet dat deze niet meer onroerend is.

Bron: Rb. Amsterdam 19 augustus 2020, nr AMS 19/6577 (ECLI:NL:RBAMS:2020:4307)

Spoedwet digitaal passeren wordt verlengd

4 september, 2020

De spoedwet die het mogelijk maakt akten bij de notaris via elektronische communicatie­middelen op te stellen, wordt verlengd tot 1 oktober 2020. In eerste instantie was de tijdelijke wet geldig tot 1 september. Ook zorgt de wet ervoor dat jaarvergaderingen van rechtspersonen tot 1 oktober op afstand kunnen plaatsvinden.

De tijdelijke wet treft een aantal voorzieningen die noodzakelijk zijn in verband met de uitbraak van COVID-19. Notarissen kunnen voor identificatie en belehrung gebruik maken van audiovisuele middelen en de akte vervolgens passeren. Dit kan uitsluitend in situaties waarbij geen andere mogelijkheden zijn om te komen tot een normale manier van passeren van de akte. De wet is bovendien tijdelijk en zorgt niet voor een aanpassing van de Wet op het notarisambt (Wna). De spoedwet kan opnieuw worden verlengd.

Minister wil legitieme portie niet afschaffen

4 september, 2020

Minister Sander Dekker (Rechtsbescherming) ziet geen dringende noodzaak om de legitieme portie te schrappen. Dat antwoordt hij op vragen van Vera Bergkamp (D66). Volgens een door haar aangehaalde brief van de KNB heeft de legitieme portie geen maatschappelijk draagvlak meer.

Bergkamp benadrukte in haar vragen (pdf) dat ieder individu zelf moet kunnen bepalen naar wie zijn of haar erfenis gaat. Bovendien verwees zij naar een brief van de KNB uit 2016. Die ging over een publiekspeiling, waaruit bleek dat 40 procent van de ondervraagden voor de afschaffing van de legitieme portie was. De overgrote meerderheid van de wetenschap deelt volgens haar deze mening.

Rechtsovertuiging
De minister ziet geen noodzaak het huidige erfrecht, ingevoerd in 2003, te veranderen. Daarin is geregeld dat kinderen die in een testament worden onterfd, recht houden op de legitieme portie.  ‘Deze beperking op de testeervrijheid is gebaseerd op de rechtsovertuiging dat aan kinderen en hun afstammelingen een deel van de nalatenschap van hun ouders toekomt’, aldus de minister. Ook biedt de legitieme portie volgens hem bescherming aan kinderen uit een eerder huwelijk die mogelijk worden benadeeld ten opzichte van kinderen uit een nieuwe relatie.

Onderzoek
Volgens Dekker blijkt uit het onderzoek van de KNB ook geen dringende en breed gedragen noodzaak om de legitieme portie te schrappen. Ook heeft hij uit de praktijk geen signalen gekregen die in een andere richting wijzen. Een nieuw onderzoek is volgens hem niet nodig, omdat het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit in samenwerking met Netwerk Notarissen recent een draagvlakonderzoek heeft gehouden over de legitieme portie. Dit rapport wordt deze maand verwacht.

(Bron: KNB)

Covid-19: de stand van zaken op kantoor

21 augustus, 2020

Het aantal besmettingen met het coronavirus stijgt, dus het kabinet scherpt zijn beleid verder aan. Ook wij willen het goede voorbeeld geven: We willen nog steeds geen personen aan tafel die géén partij bij de akte zijn. We sturen verkopers een volmacht, doen legalisatie slechts op afspraak en doen de meeste besprekingen middels videobellen. Heeft u een afspraak op ons kantoor, maar bent u verkouden, heeft u koorts of heeft u andere griepverschijnselen? Kom dan niet naar kantoor, maar neem telefonisch contact met ons op om de mogelijkheden te bespreken. Dank voor uw medewerking!

De spelnotaris

21 augustus, 2020

Spelprogramma’s, loterijen en recordpogingen vragen geregeld notarissen om de uitslagen van het spel te controleren. Vaak is IT een belangrijk middel voor het spelverloop. Denk bijvoorbeeld aan het stemmen via sms of telefoon.

Bij de digitale verkiezing voor een nieuwe lijsttrekker van het CDA gebeurde er deze week iets opmerkelijks. Bronnen zeggen dat de echtgenote van kandidaat Pieter Omtzigt dacht op hem te stemmen, maar via het systeem de mededeling kreeg: ‘Dank voor uw stem op Hugo de Jonge.’ Het partijbureau van het CDA bevestigt dit en laat weten dat nog vijf andere leden zich meldden met een soortgelijk verhaal. (Bron: Trouw)

De notaris controleerde vertrouwelijk een aantal stemformulieren en daaruit zou zijn gebleken dat deze leden wel degelijk stemden op de kandidaat die het systeem na afloop noemde.

Veel vragen over de rol van de betrokken notaris. Helaas zal het voor hem niet goed mogelijk zijn zich publiekelijk te verdedigen. Hoe zit het ook al weer? Uitgangspunt is dat de notaris verplicht is dienst te weigeren als medewerking wordt gevraagd aan het vaststellen van door de notaris niet controleerbare feiten. In gevallen waar een computerprogramma wordt gebruikt zal de notaris extra kritisch moeten zijn.

De maatschappelijke b.v.

16 juli, 2020

Een nieuwe wet moet zorgen voor een aparte juridische vorm voor ondernemers die zich inzetten voor sociale doelen. Dat wil het kabinet. Als ondernemingen aan bepaalde eisen voldoen, kunnen ze zich in het Handelsregister inschrijven als maatschappelijke bv (bvm).

Welke ondernemingen komen in aanmerking voor deze nieuwe juridische status? Dat zijn volgens het kabinet maatschappelijke ondernemingen die zich bezighouden met bijvoorbeeld klimaat, zorg, onderwijs en arbeidsparticipatie. ‘Maatschappelijk ondernemerschap is belangrijk en daarom is betere erkenning en herkenning voor dit type ondernemerschap noodzakelijk’, aldus staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat.

Naast het invoeren van een aparte juridische vorm wordt de dienstverlening door de overheid aan maatschappelijke ondernemers verbeterd. Ook vindt het kabinet het belangrijk dat de overheid zelf maatschappelijke ondernemingen betrekt in haar inkoop- en aanbestedingsbeleid. Het kabinet streeft ernaar om eind dit jaar een voorontwerp van de wettelijke regeling via het internet in consultatie te brengen.

Negatieve rente derdenrekening

9 juli, 2020

Minister Wopke Hoekstra van Financiën maakt geen uitzondering voor notarissen als het gaat om negatieve rente. Dat blijkt uit de beantwoording van Kamervragen. Sinds dit jaar moeten notarissen bij grote banken negatieve rente op notariële derdengeldenrekeningen betalen.

De minister onderschrijft (pdf) het standpunt van de KNB: de negatieve rente op de derdengeldenrekening mag niet ten laste komen van notarissen. Zij beslissen zelf of en hoe zij omgaan met het geheel of gedeeltelijk doorbelasten van de negatieve rente aan klanten.

Hoekstra zegt begrip te hebben voor het vervelende effect van negatieve rente voor rechthebbenden op het saldo op de notariële derdengeldenrekening. Toch grijpt hij vooralsnog niet in. Hij vindt het onwenselijk en niet proportioneel om enkel notarissen uit te zonderen van negatieve rente. Volgens hem kunnen notarissen zelf in gesprek gaan met hun bank over eventuele andere mogelijkheden voor de tegoeden op de derdengeldenrekening.

Spoedwet i.v.m. het coronavirus

28 april, 2020

Door de zogenaamde ‘spoedwet’ is het mogelijk om een testament of een hypotheekakte te passeren langs audiovisuele weg, als fysiek contact tussen de notaris en de cliënt niet mogelijk is. Daarnaast bevat de spoedwet een tijdelijke voorziening voor vergaderingen en jaarstukken bij rechtspersonen.

De spoedwet heeft terugwerkende kracht tot en met 16 maart 2020. Naar de huidige stand van zaken zal de spoedwet op 1 september 2020 weer vervallen.

Een fysieke algemene vergadering kan worden vervangen door een digitale vergadering

Om de verspreiding van het coronavirus te beperken kan het fysiek bijeenkomen voor een algemene vergadering van leden of aandeelhouders onwenselijk zijn. Hoewel het Burgerlijk Wetboek faciliteiten biedt om via een elektronisch communicatiemiddel deel te nemen aan de algemene vergadering en het stemrecht uit te oefenen, hebben niet alle verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen, naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen van deze mogelijkheid gebruik gemaakt in hun statuten. Daarom biedt de spoedwet tijdelijk de mogelijkheid om af te wijken van de wettelijke en statutaire bepalingen. Voor de toekomst adviseert de regering om de statuten te wijzigen (TK 35434, nr 3, blz. 10).

Het bestuur kan bepalen dat de leden/aandeelhouders geen fysieke toegang hebben tot de algemene vergadering onder de voorwaarde dat: – zij deze langs elektronische weg kunnen volgen en – zij in de gelegenheid zijn gesteld om vragen te stellen over agendaonderwerpen. (Bij een Vereniging van Eigenaars kan naast het bestuur de voorzitter deze beslissing nemen.) Verder kan het bestuur bepalen dat het stemrecht slechts door middel van een elektronisch communicatiemiddel kan worden uitgeoefend en/of bepalen dat stemmen die voorafgaand aan de algemene vergadering door middel van een elektronisch communicatiemiddel worden uitgebracht gelijk worden gesteld met stemmen die tijdens de vergadering worden uitgebracht.

Verlenging termijn voor het houden van algemene vergadering en het opstellen van jaarstukken

Het bestuur kan de termijn voor het houden van een algemene vergadering verlengen met ten hoogste vier maanden. Tevens kan het bestuur het opstellen van de jaarrekening verlengen met maximaal vier maanden (in geval van verenigingen en coöperaties) dan wel maximaal vijf maanden (in geval van NV’s en BV’s). De jaarrekening kan dan nog binnen 12 maanden na de balansdatum worden gepubliceerd. In de memorie van toelichting is opgemerkt dat er vooralsnog geen reden is om de termijn van 12 maanden na afloop van het boekjaar waarbinnen de jaarrekening moet worden gepubliceerd, te verlengen (TK 35434, nr 3 blz. 10). Omdat de spoedwet op 1 september 2020 weer vervalt, kunnen bestuurders tot en met 31 augustus 2020 de termijn voor de algemene vergadering en de jaarrekening verlengen. De algemene vergadering moet vóór 1 november 2020 gebeuren (TK 35434, nr 6; vraag 40).

Statutaire bepalingen aangaande het fysiek bijeenkomen van personen zijn niet van toepassing

Statutaire regels over het fysiek bijeenkomen van het bestuur, de raad van commissarissen en de algemene vergadering zijn buiten toepassing verklaard. Dit geldt ook voor de regels die de genoemde bevoegdheden van het bestuur beperken of aan een goedkeuring onderwerpen.

Hoe kunnen we als vereniging een ALV houden?

17 april, 2020

Het bestuur van de vereniging bepaalt of de algemene ledenvergadering (ALV) doorgaat. Veel besturen stellen vanwege het coronavirus de jaarvergadering uit. Maar het kan zijn dat er dringende vragen zijn, zoals het doorbetalen van contributie en het wel of niet laten doorgaan van geplande onderhoudswerkzaamheden. Dan kunt u ervoor kiezen het in gewijzigde vorm toch door te laten gaan. Zo mag er digitaal worden gestemd en kunnen er besluiten buiten de vergadering worden genomen. 

Op dit moment is een noodwet in de maak waarin staat dat de algemene ledenvergadering ook via livestream (audio of video) gehouden mag worden. Voorwaarde is wel dat leden vooraf of tijdens die vergadering vragen kunnen stellen. Lees meer op rijksoverheid.nl.

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/04/08/tijdelijke-wet-covid-19-justitie-en-veiligheid

Spoedwetgeving maakt passeren akte op afstand mogelijk

9 april, 2020

Door de beperkende maatregelen naar aanleiding van de uitbraak van het coronavirus, zoals verplichte thuisisolatie en contactverboden, kan het voorkomen dat iemand niet persoonlijk bij de notaris kan verschijnen en de akte ten overstaan van de notaris kan ondertekenen. Bij een testament kan geen gebruik worden gemaakt van een volmacht. Bij een hypotheekakte vereist de wet een authentieke (notariële) volmacht. Daarom is er een spoedwetsvoorstel ingediend, waarin wordt geregeld dat in deze buitengewone omstandigheden, waarin fysiek contact met de notaris door beperkende maatregelen niet mogelijk is, bijvoorbeeld omdat bezoek in een verpleeghuis niet is toegelaten of men met verkoudheid niet naar buiten mag, de notaris een akte mag verlijden met gebruikmaking van audiovisuele communicatiemiddelen, in plaats van “verschijning in persoon”. Met deze spoedwetgeving wordt buiten twijfel gesteld dat ook akten die tot stand zijn gekomen nadat partijen en eventuele andere personen via een videoverbinding voor de notaris zijn verschenen in deze buitengewone omstandigheden rechtsgeldig zijn, althans, mits ook aan alle andere vereisten (aan de totstandkoming) van een notariële akte is voldaan. De notaris maakt van deze bijzondere wijze van ‘verschijnen’ melding in de akte. Daarbij vermeldt de notaris ook dat ondertekening van de akte niet mogelijk is door de verschijning per videoverbinding. Bij het tot stand komen van een akte langs deze bijzondere wijze, dient de notaris uiteraard alle gebruikelijke zorgvuldigheid in acht te nemen. Zo kan de akte slechts worden gepasseerd als de verbinding goed is en ononderbroken verloopt. Ook dient de notaris ervoor zorg te dragen dat de identiteit van de betreffende persoon via de videoverbinding kan worden vastgesteld en dat er via de videoverbinding een directe communicatie kan plaatsvinden tussen de betreffende persoon en de notaris. En uiteraard houdt de notaris de verantwoordelijkheid om zich er zo goed mogelijk van te vergewissen dat de betreffende persoon zijn of haar wil in onafhankelijkheid aan de notaris kenbaar kan maken, zonder daarbij beïnvloed of onder druk gezet te zijn door één of meer andere personen.

Wij zijn u graag van dienst, ook in deze moeilijke tijd. Kunnen we iets voor u doen, dan horen we het graag!

Corona

16 maart, 2020

Om de verspreiding van het virus tegen te gaan, hebben wij de volgende maatregelen getroffen:

  • Bij neusverkoudheid, hoesten, keelpijn of koorts blijven medewerkers thuis.
  • Ons kantoor is telefonisch en per email bereikbaar.
  • De afspraken om akten te tekenen gaan vooralsnog door.
  • Wij verzoeken u vriendelijk om geen familie/vrienden mee te nemen naar de afspraak. Wij schudden uiteraard geen handen en houden afstand. Wij zullen geen koffie of thee schenken.
  • Als u een afspraak met ons heeft, maar verkouden bent, verzoeken wij u de afspraak te verzetten.
  • Besprekingen vinden slechts telefonisch plaats.
  • Wij verzoeken u vriendelijk om niet zonder afspraak naar kantoor te komen, maar om uw vragen telefonisch of per mail te stellen.
  • Wij vragen verkopers om bij volmacht te tekenen (wij verstrekken de volmacht kosteloos) en wij verzoeken makelaars en tussenpersonen om niet mee naar kantoor te komen bij een overdracht of hypotheekakte.

Gescheiden en jonge kinderen? Maak een echtscheidingstestament!

5 maart, 2020

Als u gescheiden bent en u heeft samen met uw ex-partner één of meer kinderen, dan zijn uw kinderen na de scheiding in principe uw enige erfgenamen. Maar let op: als uw kinderen nog minderjarig zijn, dan worden zij bij de afwikkeling van uw nalatenschap vertegenwoordigd door uw ex-partner. Dat betekent onder meer dat uw ex-partner toegang krijgt tot uw woning en tot uw persoonlijke spullen, en dat uw ex-partner uw nalatenschap namens uw kinderen zal beheren totdat de kinderen 18 jaar zijn.

Ex-partners die dit niet willen, die kunnen een zogenaamd ‘echtscheidingstestament’ maken. Daarin kunnen zij executeur benoemen die de nalatenschap afwikkelt en een bewindvoerder die de erfenis voor de kinderen beheert totdat zij (minimaal) meerderjarig zijn. Het bewind kan ook wat langer worden ingesteld, bijvoorbeeld tot 23 jaar, zodat kinderen niet meteen als zij 18 jaar worden, de erfenis kunnen verbrassen. De executeur en bewindvoerder kunnen dezelfde persoon zijn, bijvoorbeeld een familielid of een goede vriend.

Uw ex-partner heeft op grond van de wet het ‘ouderlijk vruchtgenot’ over het vermogen van diens minderjarige kinderen Dat is recht van een ouder, om het rendement van het vermogen van het kind te genieten. Denk daarbij aan het recht om in de woning van een kind te wonen en om de rente van het spaargeld te nemen. Indien u niet wilt dat uw ex-partner deze rechten krijgt, dan is het van belang om dit recht op ouderlijk vruchtgenot bij testament aan uw ex-partner te ontnemen.

Indien uw kind van u heeft geërfd en daarna zelf ook overlijdt, dan zou uw erfenis via uw kind bij uw ex-partner terecht kunnen komen. Uw ex-partner is immers erfgenaam van het kind.

Denkt u bijvoorbeeld aan de situatie dat uw kind en u samen een dodelijk auto-ongeval krijgen, als gevolg waarvan u eerst komt te overlijden en uw kind kort daarna. Voor die situatie zou u in uw testament een zogenaamde ‘tweetrapsmaking’ kunnen opnemen. Daarin bepaalt u dat wat er bij het overlijden van uw kind nog resteert van uw erfenis, bij het overlijden van het kind zal vererven naar de door u aan te wijzen personen. Dit kunnen uw andere kinderen zijn of uw eigen familieleden.

Wilt u meer weten over een echtscheidingstestament? Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvende afspraak. Wij informeren u graag!

Zukke Zorgen

23 januari, 2020

Op 5 februari a.s. ben ik tussen 19.00 en 21.00 uur te gast in het Radioprogramma Zukke Zorgen (L.O.V.E. Radio) om u bij te praten over het nut van een levenstestament, een testament en schenken. Graag tot dan! Liesbeth Verhagen

Mogelijke beïnvloeding bij het maken van een (levens)testament

23 januari, 2020

In de praktijk merk ik dat oudere mensen het soms prettig vinden om iemand mee te nemen naar de notaris; een kind, een goede vriend, een nicht of neef… Iemand die dichtbij staat en die men vertrouwt. Twee weten immers meer dan één… en het is toch al zo ingewikkeld!

Als het om een algemeen gesprek gaat, bijvoorbeeld om het inwinnen van informatie, dan is dat prima. Maar als oudere mensen een testament of een levenstestament willen opstellen, dan is voorzichtigheid geboden. Ten eerste moet de notaris zorgvuldig handelen bij de beoordeling van de wilsbekwaamheid van de (levens)testateur. Ten tweede moet de notaris voldoende waarborgen dat de testateur zijn wil op onafhankelijke wijze – dus zonder beïnvloeding van derden – aan de notaris kan overbrengen.

De notaris dient al het nodige te doen om zich ervan te vergewissen dat de betrokkene bij het vormen en uiten van zijn wil niet op ongewenste wijze is beïnvloed door (de aanwezigheid van) een derde.

De notaris dient ook oog te hebben voor mogelijke financiële uitbuiting van ouderen. Bij de beoordeling daarvan kan het bijvoorbeeld van belang zijn wie de afspraak heeft gemaakt en of de testateur nog volop in het leven staat; of de testateur zelfstandig naar kantoor is gekomen, ofwel daarbij is begeleid of opgewacht door een derde.

Als er ruzie in de familie is, dan is het belangrijk dat de notaris de testateur onder vier ogen spreekt, zodat de testateur zelf duidelijk kan maken wat hij wil regelen en waarom. Als een toekomstige begunstigde/gemachtigde bij het gesprek of de ondertekening aanwezig zou zijn, dan geeft dat op z’n minst de schijn van beïnvloeding. Dat kan de rechtsgeldigheid van het (levens)testament aantasten en daar is niemand bij gebaat.

eindejaarstips

1 december, 2019

1. Jaarlijks onbelast een bedrag schenken

Ieder jaar mogen er belastingvrije schenkingen plaatsvinden. Bij een schenking aan (klein)kinderen besparen zij later erfbelasting en de schenker verlaagt zijn of haar box 3-vermogen. De vrijstelling voor schenkingen aan kinderen bedraagt in 2019 per kind € 5.428. Voor schenkingen aan kleinkinderen, broers, zussen en anderen bedraagt de vrijstelling € 2.173.

2. Verlagen box 3-vermogen door in 2019 grote uitgaven of beleggingen te doen

Door nog voor het eind van het jaar grote consumptieve uitgaven voor eigen gebruik (zoals auto’s, verbouwingen, zonnepanelen, vakanties, kunstvoorwerpen e.d.) te doen, neemt het in box 3 te belasten vermogen af. Hierdoor kan box 3-heffing worden bespaard. Dit speelt indien een belastingplichtige meer vermogen heeft dan € 30.846 of met partner tezamen meer dan € 61.692.
Onroerende zaken, zoals vakantiehuisjes, zijn wel belast. Het in box 3 belaste vermogen neemt onder meer af door bijvoorbeeld schenkingen te doen (zie tip 1), door te beleggen in erkende groenfondsen (daar geldt een vrijstelling tot € 58.540 en € 117.080 bij partners), door het vooruitbetalen van premies en hypotheekrente over maximaal zes maanden (vooruitbetalen moet met de crediteur worden afgestemd) en door inkomstenbelastingaanslagen voor 1 januari 2020 te betalen.

3. Aflossen kleine schulden (vanwege schuldendrempel)

Is het totaal van alle in box 3 in aanmerking te nemen schulden gering, terwijl het totale vermogen meer bedraagt dan het heffingvrije vermogen (€ 30.846; voor partners € 61.692), dan kan box 3-heffing worden bespaard door deze schulden nog in 2019 af te lossen. Schulden verminderen pas het in box 3 belaste vermogen wanneer ze meer bedragen dan de niet-aftrekbare drempel van € 3.100 (in geval van partners € 6.200). Als door geringe schulden het bedrag van de drempel niet wordt overschreden, is het zinvol af te lossen zodat het box 3-vermogen afneemt.

4. Aflossen op hypothecaire eigenwoningschuld

Door nog in 2019 extra af te lossen op een hypothecaire schuld voor de eigen woning neemt het in box 3 belaste vermogen af. Omdat de spaarrente momenteel erg laag is, zal aflossen op de eigenwoningschuld voordeliger zijn dan sparen. Op grond van de hypotheekvoorwaarden kan vrijwel altijd minimaal 10% per jaar boetevrij worden afgelost (soms zelfs 20% van het oorspronkelijk geleende bedrag). Bij sommige geldverstrekkers is aflossing in 2019 alleen mogelijk als dit voor 1 december 2019 is/was aangekondigd, maar bij een groot aantal banken is geen aankondiging nodig. Dit dient bij de betreffende bank te worden gevraagd.


5. Besparen box 3-heffing bij koop/verkoop eigen woning rond jaarwisseling

Als de koop van een eigen woning deels met eigen geld wordt betaald, wordt box 3-heffing bespaard indien de notariële levering voor het einde van het jaar plaatsvindt. Wordt een eigen woning verkocht, dan is levering na 31 december 2019 voordeliger indien bij verkoop veel overwaarde wordt gerealiseerd. Deze overwaarde behoort dan op 1 januari 2020 niet tot het in box 3 belaste vermogen.


6. Nog in 2019 dividend uitkeren

In 2020 en 2021 wordt het aanmerkelijkbelangtarief in box 2 verhoogd van 25% naar respectievelijk 26,25% en 26,9%. Om die reden kan worden overwogen een voorgenomen uitkering van dividend nog dit jaar te laten plaatsvinden.


7. Afkoop pensioen in eigen beheer

In eigen beheer opgebouwd pensioen kan alleen dit jaar nog worden afgekocht met een fiscale korting en zonder dat over de afkoop 20% revisierente is verschuldigd. Omdat de (ex-)partner moet instemmen met de afkoop is het zaak dat de (ex-)partner tijdig om toestemming wordt gevraagd.

Erft de koude kant mee?

23 november, 2019

Nieuw huwelijksvermogensrecht

Sinds 1 januari 2018 trouwen echtgenoten niet meer standaard in een algehele gemeenschap van goederen, maar in een zogenaamde beperkte gemeenschap van goederen. Het vermogen dat de echtgenoten bij het begin van hun huwelijk hebben, alsmede en schenkingen en erfenissen die zij voor het huwelijk hebben of tijdens het huwelijk verkrijgen, behoren niet tot die beperkte gemeenschap van goederen en worden dus niet meer automatisch gemeenschappelijk eigendom.

Dit nieuwe huwelijksvermogensrecht is slechts van toepassing op mensen die getrouwd zijn vanaf 1 januari 2018. Voor de mensen die vóór die tijd zijn getrouwd, is niets gewijzigd. Zij zijn en blijven dus in de ‘ouderwetse’ algehele gemeenschap van goederen getrouwd, tenzij zij bij de notaris huwelijksvoorwaarden hebben gemaakt en zelf andere spelregels hebben gemaakt.

Uitsluitingsclausule verleden tijd? 

Tot 1 januari 2018 was de uitsluitingsclausule in testamenten en schenkingsovereenkomsten erg populair. Deze clausule regelde dat de ‘koude kant’ niet meedeelde in schenkingen en erfenissen. “Is het na 1 januari 2018 niet meer nodig om een uitsluitingsclausule op te nemen? Voor kersverse echtgenoten geldt toch automatisch de regel dat schenkingen en erfenissen buiten de gemeenschap vallen?” Die vraag wordt mij vaak gesteld.

Het antwoord op deze vraag is: Nee, het blijft na 1 januari 2018 belangrijk om een uitsluitingsclausule op te nemen. In ieder geval voor ’oude’ huwelijken (gesloten voor 1 januari 2018), maar ook voor stellen die besluiten af te wijken van het wettelijk huwelijksvermogensrecht en in huwelijksvoorwaarden afspreken dat zij een algehele gemeenschap van goederen met elkaar aangaan. 

Insluitingsclausule 

Vanaf 1 januari 2018 kennen we wel een nieuw fenomeen: de insluitingsclausule. Met de insluitingsclausule kan een erflater of schenker aangeven dat schenkingen en erfenissen tóch in de gemeenschap vallen, ook wanneer echtgenoten een beperkte gemeenschap van goederen hebben. In het algemeen wordt zo’n insluitingsclausule dusdanig geformuleerd, dat die alleen effect heeft bij overlijden van de verkrijger en niet bij echtscheiding. Zo’n insluitingsclausule kan worden opgenomen om erfbelasting te besparen bij het overlijden van de verkrijger. Diens partner verkrijgt dan immers een deel van het geërfde vermogen op grond van huwelijksvermogensrecht en niet op grond van erfrecht.

Kortom, uitsluiten -al dan niet in combinatie met insluiten- is en blijft essentieel! 

Wilt u advies over uw testament of overweegt u een schenking te doen? U bent van harte welkom voor een vrijblijvend gesprek.

Liesbeth Verhagen

Schenken op papier

23 september, 2019

Regelmatig krijg ik de vraag van 65+ers hoe zij hun vermogen bij leven kunnen overhevelen aan hun kinderen, zodat zij minder ‘vermogend’ zijn bij eventuele opname in een zorginstelling (in verband met de eigen bijdrage voor zorg) en zodat er bij hun overlijden minder erfbelasting verschuldigd is.

Als de ouders relatief veel liquide middelen hebben, dan kunnen ze daarvan jaarlijks een deel aan kinderen en kleinkinderen schenken. Maar wat als hun vermogen feitelijk  ‘vast’ zit, bijvoorbeeld in een woning of in beleggingen? En wat als de ouders graag de beschikking willen houden over hun vermogen, omdat ze een appeltje voor de dorst willen hebben? Dan kan “schenken op papier” een oplossing zijn.

De ouders leggen dan bij notariële akte vast dat hun kinderen (en kleinkinderen) een bepaald bedrag van hen tegoed hebben. Het is dus eigenlijk een schuldigerkenning. De ouders houden het geschonken bedrag onder zich en bepalen in de akte wanneer de schenking opeisbaar is; bijvoorbeeld bij overlijden van de langstlevende ouder of bij opname van de langstlevende ouder in een niet-particuliere zorginstelling.

Bij een schenking op papier kan – net als bij een gewone schenking – gebruik worden gemaakt van de jaarlijkse schenkingsvrijstellingen. Het op papier geschonken bedrag is bij de ouders als schuld aftrekbaar in box 3. Dat is gunstig bij de berekening van de eigen bijdrage na opname in een zorginstelling. Daartegenover staat dat de schenking bij de kinderen als vordering moet worden opgegeven in box 3. Feitelijk vindt hier dus een verschuiving plaats van de belastingdruk van box 3 van de schenkers naar de begiftigden.

Om de schuldig erkende bedragen bij overlijden van de ouders in aftrek te mogen brengen voor de erfbelasting, is vereist dat de ouders vanaf het moment van de (papieren) schenking totdat de schenking daadwerkelijk wordt betaald, jaarlijks 6% rente aan de kinderen betalen. Stel dat de ouders jaarlijks het vrijgestelde bedrag van ruim € 5.000 per kind schenken op papier, dan is de rentelast het eerste jaar ruim € 300 per kind en het tweede jaar (als inmiddels 2 x € 5.000 = € 10.000 is geschonken), ruim € 600 per kind, enzovoorts.

De renteverplichting wordt soms als een nadeel ervaren, omdat de rente ten koste gaat van de beschikbare liquide middelen van de ouders. Fiscaal gezien is het echter wel een gunstige verplichting; de rentebetaling is immers een ‘gratis’ extra vermogensoverheveling aan de kinderen. Als de jaarlijkse rentelast te groot wordt, dan kan men ervoor kiezen om (tijdelijk) te stoppen met het doen van nieuwe schenkingen. De jaarlijkse renteverplichting blijft dan bestaan, maar loopt niet verder op.

Over het totaal bedrag van de papieren schenkingen hoeft bij overlijden van de ouders geen erfbelasting te worden betaald. De kinderen hebben dat bedrag immers nog tegoed. Dat scheelt 10% tot 20% belasting. Bij grotere vermogens wordt vaak gekozen voor jaarlijkse grotere schenkingen, die nog net binnen de 10% schenkbelasting vallen. Daarover hoeft later dan niet het hogere tarief van 20% erfbelasting te worden betaald. De besparing is dan 10%.

Wilt u weten of een papieren schenking voor u raadzaam is? U bent van harte welkom voor een vrijblijvend gesprek.

Digitale nalatenschap

16 augustus, 2019

Het is aan te raden om te bepalen wat er na uw overlijden gebeurt met uw Facebook, Twitter, LinkedIn en andere online accounts. Wilt u uw profiel verwijderen of wilt u een gedenkpagina? Er zijn verschillende manieren om te voorkomen dat u na uw overlijden digitaal voortleeft.

Social media testament of digitale kluis

De notaris heeft voor uw digitale nalatenschap een social media testament of digitale kluis. Daarin legt u vast:

  • welke online profielen u heeft;
  • uw gebruikersnamen en wachtwoorden;
  • wat er na uw overlijden mee moet gebeuren (verwijderen of een gedenkpagina inrichten) en wie uw ‘social media executeur’ is: een van uw nabestaanden of de notaris.

Lijstje bijhouden

U kunt natuurlijk ook zelf een lijstje bijhouden van alle sites waar u een profiel of account heeft. Bewaar dit op een plek die gemakkelijk vindbaar is voor uw nabestaanden. Uw gebruikersnaam en een bewijsstuk van uw overlijden is voor socialmediadiensten meestal genoeg om uw profiel te verwijderen.

Instellen per platform

Vaak kunt u in een socialmediaplatform instellen wat er na uw overlijden met uw account gebeurt. Bij Google kunt u bijvoorbeeld aangeven wat er met uw gegevens moet gebeuren na een bepaalde periode waarin u niet heeft ingelogd. En bij Facebook kunt u een contactpersoon benoemen voor uw profiel na uw overlijden.

The cloud en betaalde accounts

Let ook op wat er met uw gegevens in ‘the cloud’ gebeurt. Sommige hostingpartijen verwijderen al uw bestanden na uw overlijden. Ook foto’s die misschien van waarde zijn voor uw nabestaanden. Misschien heeft u ook betaalde accounts die elke maand van u incasseren. Of accounts met een tegoed. Maak het uw nabestaanden gemakkelijk om die accounts stop te zetten en het tegoed op te vragen.

Samen verder

25 juli, 2019

Trouwen | Notaris.nl

Wat u kunt vastleggen bij samenwonen, trouwen of geregistreerd partnerschap

Trouwen

Samen verder gaan en trouwen. De meeste mensen in Nederland kiezen hiervoor als ze hun relatie officieel willen maken. Door te trouwen regelt de wet automatisch een aantal zaken voor u.

Wat is trouwen in beperkte gemeenschap van goederen?

Als u trouwt dan doet u dit sinds 1 januari 2018 in beperkte gemeenschap van goederen. Dit betekent kort gezegd dat alle bezittingen en schulden die tijdens het huwelijk ontstaan, van u samen zijn. Uitzonderingen zijn erfenissen en schenkingen die u ontvangt voor en tijdens uw huwelijk. Die blijven van u persoonlijk, tenzij anders is aangegeven. Dit is wettelijk zo geregeld.

Meer over de wet beperkte gemeenschap van goederen

Algehele gemeenschap van goederen vóór 2018

Bent u vóór 2018 getrouwd zonder voorwaarden? Dan was dit in algehele gemeenschap van goederen. De wet die sinds 1 januari 2018 geldt, verandert hier niets aan.

Kabinet past familierecht aan

12 juli, 2019

Kabinet past familierecht aan | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl

Nieuwsbericht | 12-07-2019 | 10:16

Het kabinet neemt maatregelen om het familierecht beter te laten aansluiten bij ontwikkelingen in de samenleving. Er komt een procedure voor draagmoederschap, een register met informatie over de biologische afstamming van kinderen en een regeling voor deelgezag voor opvoeders. Zo wordt ingespeeld op nieuwe gezinsvormen: op een manier die pragmatisch is, bescherming biedt en die problemen voorkomt.

Vergroot afbeelding

Beeld: ©Ministerie van Justitie en Veiligheid / Rutger Rog

Dit blijkt uit een brief die de ministers Dekker (voor Rechtsbescherming) en Van Engelshoven (van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) namens het kabinet vandaag aan beide Kamers hebben gestuurd.

Minister Dekker:

‘Er is veel veranderd de afgelopen jaren. Kijk maar naar de samenstelling van gezinnen, de situaties waarin kinderen opgroeien en de mogelijkheden om een kind te kunnen krijgen. Als overheid moeten we steeds oog hebben voor de positie en het belang van het kind. Het is onze taak om de wetgeving daarop aanpassen.’

Minister Van Engelshoven:

‘Hiermee komen we tegemoet aan de belangen van kinderen en de behoeften van ouders. Ik vind het belangrijk dat het voor iedereen mogelijk is om samen een gezin te vormen.’

Draagmoederschap

Het krijgen van een kind via een draagmoeder is vaak een laatste redmiddel voor stellen waarvan bijvoorbeeld de vrouw geen kind kan dragen en voor homostellen. De draagmoeder kan een bekende zijn, maar ook iemand met wie het stel nog geen band heeft. Op dit moment is er geen regeling voor draagmoederschap waardoor er veel onzekerheid is. Mensen wijken uit naar het buitenland waardoor zij te maken kunnen krijgen met misstanden.

Er komt een regeling die bescherming biedt aan het kind, de draagmoeder en toekomstige ouders. Straks zijn de wensouders vanaf de geboorte van het kind de juridische ouders. Nu is dat nog de draagmoeder. Onder de nieuwe regeling bekijkt de rechter vooraf of aan alle voorwaarden voor draagmoederschap is voldaan. Dit biedt zekerheid over bijvoorbeeld naam en nationaliteit vanaf de geboorte, en op bescherming tegen verkoop van het kind. Ook komen er duidelijkere regels over hoe met buitenlands draagmoederschap wordt omgegaan.

Ieder kind moet kunnen weten waar hij of zij vandaan komt, van wie hij of zij biologisch afstamt. Dat is van belang voor de ontwikkeling van de identiteit van het kind. Of het kind nu is geadopteerd, geboren uit een draagmoeder of verwekt met donorzaad. Deze informatie moet altijd makkelijk te vinden zijn, juist om problemen voor kinderen te voorkomen. Nu zijn deze gegevens soms onvolledig en moeilijk te achterhalen. Daarom komt er één loket waar alle beschikbare informatie over oorsprong op te vragen is.

Deelgezag

Steeds meer kinderen groeien op in nieuwe gezinsvormen, met meer dan twee ouders die voor hen zorgen. Zoals in een samengesteld gezin of een meeroudergezin. Nu is het voor buitenstaanders niet altijd duidelijk wie voor het kind zorgen en wie welke beslissingen mogen nemen. Terwijl dat erg belangrijk is in de jaren dat het kind opgroeit.

Dekker:

‘Zo is het bijvoorbeeld voor een stiefouder soms lastig om informatie van de school te krijgen. Of om met het kind naar de huisarts te gaan. Dit is niet in het belang van het kind. Daarom gaan we deelgezag mogelijk maken voor personen die een belangrijke rol spelen in de verzorging en opvoeding van het kind. Dit biedt een pragmatische oplossing en meer zekerheid voor de band tussen kind en verzorger.’

Nieuw boetebeleid energielabel woningen

9 juli, 2019

Vanaf 3 juli 2019 verandert het boetebeleid bij het energielabel voor woningen. De boetebedragen gaan omlaag. Tegelijkertijd krijgen woningverkopers direct een boete als het energielabel ontbreekt. Voorheen was dat een voorwaardelijke geldstraf. Door een uitspraak van de de Raad van State op 17 oktober 2018 moest het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) het boetebeleid aanpassen. Met ingang van 3 juli 2019 is deze aanpassing van kracht.

Verkopers van woningen moeten bij een transactie een geldig energielabel beschikbaar stellen aan de koper. Ontbreekt het label, dan kan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een ‘last onder dwangsom’ opleggen. Dit is een voorwaardelijke boete die vervalt als de woningeigenaar het energielabel alsnog registreert.

Het voorwaardelijke karakter van deze sanctie verdwijnt. De ILT legt voortaan een bestuurlijke boete op. Hierbij krijgt de verkoper géén mogelijkheid meer om de overtreding achteraf te herstellen.

De rechter bepaalde eerder dat er géén last onder dwangsom opgelegd mag worden als de woning eenmaal is verkocht. Dit omdat de verplichting geldt op het moment van verkoop. Wanneer dat moment voorbij is, kan de verkoper de overtreding niet meer herstellen. Een last onder dwangsom is dan onuitvoerbaar.

De hoogte van de boetes verandert ook. Als het label ontbreekt, kan de ILT voortaan een boete geven van € 170,- aan particulieren en € 340,- aan organisaties. Dit was € 405,- voor iedereen. De reden voor de verlaging is dat de boete voortaan direct wordt opgelegd. Momenteel heeft ruim 90% van de verkopers een energielabel beschikbaar bij de verkoop van de woning.

Partneralimentatie van 12 naar maximaal 5 jaar

4 juni, 2019

21-05-2019

Partneralimentatie gaat niet meer 12 jaar, maar maximaal 5 jaar gelden. De Eerste Kamer nam vandaag het gewijzigde wetsvoorstel herziening partneralimentatie aan. Alleen de christelijke partijen en 50PLUS stemden tegen. Zij vinden de nieuwe regeling nadelig voor ouderen en het is voor hen niet duidelijk waarom de duur van alimentatie verkort moet worden.

Op de termijn van 5 jaar zijn twee wettelijke uitzonderingen: langdurige huwelijken en huwelijken met jonge kinderen. In het eerste geval gaat het om mensen die bijna AOW-gerechtigd zijn. Voor hen kan partneralimentatie maximaal 10 jaar duren. Wie voor nog jonge kinderen zorgt, heeft recht op maximaal 12 jaar partneralimentatie.

Vereenvoudigd
Initiatiefnemers VVD, PvdA en D66 hebben het wetsvoorstel ingrijpend vereenvoudigd. In het oorspronkelijke voorstel van 2015 konden afspraken over partneralimentatie in huwelijkse voorwaarden worden vastgelegd. Door kritiek van de Raad van State hebben de initiatiefnemers dit teruggedraaid. De Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) heeft bij de indieners nog gepleit voor het wel mogelijk maken van afspraken hierover, maar dit is niet in het wetsvoorstel opgenomen. Bij huwelijkse voorwaarden kan namelijk ook worden afgezien van partnerpensioen.

Evaluatie
In de Eerste Kamer zegde de minister toe dat er een tussentijdse evaluatie komt na 5 jaar, in plaats van de voorgestelde 8 jaar.

______________________________

Vaststelling erfdelen na overlijden

12 april, 2019

17 april 2019

Als ik met een langstlevende echtgenoot aan tafel zit voor de bespreking van een testament of levenstestament, vraag ik altijd of er iets is vastgelegd/geregeld na het overlijden van de echtgenoot. Het antwoord is vaak ontkennend. Het is dan in veel gevallen zeer de moeite waard om alsnog actie te ondernemen. Ik zal u uitleggen waarom.

Als er bij het eerste overlijden geen aangifte erfbelasting gedaan, staat niet vast welk erfdeel de kinderen eigenlijk (‘op papier’) van hun eerste ouder hebben geërfd.

Bij het tweede overlijden doen de kinderen dan vaak een aangifte erfbelasting alsof zij het gehele vermogen van hun langstlevende ouder erven. Dit kan fiscaal erg nadelig zijn.

Een (grof) rekenvoorbeeld: Bij het tweede overlijden is er een huis van 280.000 en een bankrekening van 40.000. Totaal € 320.000. Twee kinderen. De kinderen geven ieder de helft, dus ieder € 160.000. Daarvan is zo’n € 20.000 per kind vrijgesteld, dus € 140.000 per kind belast met erfbelasting. De eerste € 124.000 tegen 10% = € 12.400 erfbelasting. En het restant ad € 16.000 tegen 20% = € 3.200 erfbelasting. De totale erfbelasting per kind: € 15.600, dus voor twee kinderen samen: € 31.200.

Wat zou de situatie zijn als de kinderen kunnen aantonen dat zij bij het eerste overlijden ‘op papier’ al een erfdeel hebben geërfd? Stel, het totale vermogen was ten tijde van het eerste overlijden (net als hiervoor) € 320.000. De eerste nalatenschap bedraagt de helft, dus € 160.000. De langstlevende en de kinderen erven ieder 1/3e deel daarvan, dus € 53.333 per persoon. Omdat de kinderen op hun erfdeel moeten wachten, mag voor de belastingdienst een afwaardering worden toegepast naar de contante waarde. Stel dat de langstlevende ouder 75 jaar is, dan is de contante waarde van de erfdelen van de kinderen 70%, dus 37.333. Vervolgens zetten de kinderen hun vrijstelling in van zo’n € 20.000. Dan is het restant ad € 17.333 belast tegen 10%, derhalve € 1.733 per kind, dus in totaal voor twee kinderen samen € 3.467.

Bij het tweede overlijden laat de langstlevende echtgenoot na: € 320.000 minus een schuld aan haar kinderen van 2 x € 53.333, waar al over afgerekend is. Haar fiscale nalatenschap is dus € 213.333. De kinderen erven ieder de helft, dus € 106.667 per persoon. Daarvan is opnieuw zo’n € 20.000 vrijgesteld, dus € 86.667 is belast met 10% erfbelasting. De erfbelasting bij het tweede overlijden bedraagt dus € 8.667 per kind, dus voor twee kinderen samen: € 17.333.

De erfbelasting bij het eerste overlijden bedroeg in totaal € 3.467. Opgeteld is de erfbelasting over de twee overlijdens samen dan € 20.800.

Het verschil in de totale belasting bedraagt maar liefst € 10.400. Dat is de moeite! Het is verschil zit dus in drie aspecten: 1) De kinderen rekenen bij het eerste overlijden slechts af over de relatief lage contante waarde, terwijl zij later de hogere nominale waarde in aftrek brengen, 2) De kinderen benutten tweemaal hun vrijstelling van ruim €  20.000,- en 3) het lage 10%-tarief wordt tweemaal benut zodat de kans kleiner is om in het 20%-tarief te belanden.

Om de genoemde voordelen te behalen, kunt u een akte van vaststelling erfdelen laten opmaken. Dat kan zelfs jaren na het eerste overlijden alsnog worden gedaan. Dus kom na een overlijden even langs en laat u goed informeren over de fiscale mogelijkheden en de consequenties daarvan. Het is in het algemeen zeer de moeite waard!

Mw. mr. E.M. (Liesbeth) Verhagen

____________________________

Ouderlijke woning alvast op naam van de kinderen?

12 april, 2019

20 februari 2019

In het verleden kozen mensen er regelmatig voor om hun woning al bij leven over te dragen aan de kinderen, onder voorbehoud van vruchtgebruik. Door verschillende wetswijzigingen is deze keuze inmiddels minder aantrekkelijk geworden. Door de recente wijzigingen in de Wet langdurige zorg (Wlz) en de daarmee samenhangende eigen bijdrage voor zorgkosten, wordt nu regelmatig de vraag gesteld of de woning alvast op naam van de kinderen kan worden gezet. Jazeker, dat kan. Maar is dat wel verstandig?

1.    Als één van de ouders is opgenomen in een zorginstelling, terwijl de andere ouder nog thuis woont, is slechts de “lage eigen bijdrage” verschuldigd. De woning valt dan bovendien in Box 1 van de Inkomstenbelasting en telt niet mee voor de vermogenstoets van de Wlz. Bij de berekening van de eigen bijdrage wordt namelijk slechts rekening gehouden met het inkomen uit arbeid en met het inkomen uit sparen en beleggen (Box 3). De eigen woning telt dus niet mee, zolang nog minimaal één gezinslid daarin woont.

2.    Een overdracht van de woning brengt kosten met zich mee: overdrachtsbelasting, mogelijkerwijs schenkbelasting, notariskosten en kadasterkosten. Er moeten voldoende liquide middelen zijn om deze kosten te kunnen betalen en bovendien moeten deze  kosten ‘de moeite waard’ zijn.

3.    Nadat de (blote) eigendom van de woning is overgedragen aan de kinderen, ontvangen de ouders de koopsom, die zij moeten opgeven in Box 3. (Als de kinderen de koopsom niet betalen maar schuldig blijven, dan moeten de ouders hun vorderingsrecht opgeven; dat komt fiscaal op hetzelfde neer.) De ouders zijn vanaf dat moment jaarlijks “box 3 belasting” (vermogensrendementsheffing) verschuldigd over de waarde van de woning. Die belasting zou niet verschuldigd zijn als er geen overdracht van de woning had plaatsgevonden, want dat zou de woning onbelast zijn gebleven in Box 1.

4.    Bij de ouders is de Box 1 woning als het ware omgezet in Box 3 vermogen, bestaande uit een koopsom op de bankrekening ofwel een vorderingsrecht op de kinderen. En het is nu juist dat Box 3 vermogen dat meetelt bij de berekening van de zorgkosten…

5.    In artikel 10 van de Successiewet is een antimisbruik bepaling opgenomen, die ziet op de overdracht van een woning aan de kinderen, onder voorbehoud van een “genotsrecht”, zoals vruchtgebruik. Van zo’n genotsrecht is al snel sprake, als de ouders zelf in de woning blijven wonen. Op grond van artikel 10 wordt de woning dan bij overlijden van de ouders fiscaal alsnog als een erfenis aangemerkt en dan is er door de kinderen erfbelasting verschuldigd over het verschil tussen de waarde van de woning ten tijde van het overlijden en de betaalde koopsom. De toepassing van deze anti-misbruikregel kan slechts worden voorkómen als de ouders minimaal 6% van de waarde aan jaarlijkse huur betalen. Dat is nogal wat.

Gezien het vorenstaande, is het voor de meeste mensen niet meer aantrekkelijk om de woning bij leven over te dragen aan de kinderen. Wat kunt u wel doen? Maak gerust een afspraak via onze receptie.

Mw. mr. E.M. (Liesbeth) Verhagen

_____________________________________

1

Schenkvrijstelling eigen woning

12 april, 2019

Ouders kunnen jaarlijks € 5.428 (cijfers 2019) vrij van schenkbelasting schenken aan een kind. In één kalenderjaar kan dit bedrag worden verhoogd tot € 26.040, mits wordt geschonken aan een kind tussen 18 en 40 jaar. Op deze verhoogde vrijstelling moet in de aangifte voor de schenkbelasting een beroep worden gedaan.

De eenmalige verhoogde vrijstelling kan verder worden verhoogd tot € 54.246, mits het kind de schenking aanwendt voor een dure beroepsopleiding of studie. Indien de schenking wordt gebruikt voor de eigen woning geldt een vrijstelling van € 102.010.

Partners worden voor de berekening van schenkbelasting aangemerkt als één en dezelfde persoon. Schenkingen door ouders binnen één kalenderjaar gedaan, worden aangemerkt als één schenking voor het gezamenlijke bedrag. Dit geldt ook als de ouders gescheiden zijn.

De schenker kan de extra verhoogde schenking voor de eigen woning over drie opeenvolgende jaren spreiden (het is ook mogelijk om alleen in jaar 1 en jaar 3 een schenking te doen). De begiftigde moet het bedrag binnen diezelfde drie jaren ook hebben besteed aan de eigen woning en de begiftigde moet bij iedere schenking én bij iedere besteding tussen 18 en 40 jaar oud zijn.

De begiftigde kan met de schenking een eigen woning verwerven, verbeteren of onderhouden, rechten afkopen, de eigenwoningschuld of restschuld aflossen dan wel een combinatie daarvan. Indien de begiftigde ten tijde van de (eerste) schenking nog geen eigen woning heeft, moet de verwerving daarvan dus plaatsvinden binnen de driejaarsperiode.

Als de schenking schriftelijk wordt vastgelegd, dan kan daaraan de voorwaarde worden verbonden dat de schenking vervalt voor zover het schonken bedrag niet is besteed aan de eigen woning.


De regel dat schenkingen die zijn gedaan binnen 180 dagen voor het overlijden van de schenker, fiscaal gezien als erfenis worden aangemerkt, geldt niet voor de ‘eigen woning schenking’.

Wilt u er meer over weten? Neem gerust contact met ons op!

Mw. mr. E.M. (Liesbeth) Verhagen

Notaris

Notariskantoor Feitsma | Verhagen

De Deimpt 6 Volendam

(0299) 369 511